Op de bovenste vier verdiepingen van Spuistraat 199 wonen 10 bewoners. Daarnaast zijn er twee ateliers. De begane grond is vanaf de twintiger jaren tot op de dag van vandaag als parkeergarage in gebruik. Deze wordt nu gehuurd door Europarking BV voor ongeveer fl.26.000 per jaar.
Spuistraat 199 is na ± 3 jaar leegstand gekraakt in het voorjaar van 1983. De laatste huurder van het pand, tot eind jaren '70, was de Stichting Algemeen Nederlands Persbureau.
Vanaf 1981 is Spuistraat 199 in bezit van Westmaas Beleggings
Maatschappij BV, een van de vele (± 50) BV's van J.K.
Leutscher.
De aankoopprijs was fl.345.000.
Leutscher heeft een bouwvergunning aangevraagd voor het oplappen van het pand tot 'woonstudio's'. In 1983 is deze door de Gemeente toegewezen.
Onderhandelingen: In het najaar van 1985 wordt er met Leutscher onderhandeld over een kasko-huurkontrakt tussen bewoners en Westmaas. Namens Leutscher treedt op het makelaarskantoor Fris BV in de persoon van M.D. Offringa. De belangen van de bewoners worden behartigd door het SIKH (nu ASW) in de persoon van Piet v.d. Sanden en coöperatief bouwbedrijf 'De Vlucht'.
Er werd in eerste instantie uitgegaan van een standaard huurovereenkomst voor bedrijfsruimte. Dit kontrakt is in de loop van de onderhandelingen door beide partijen gecorrigeerd en aangepast. Zo hebben talloze concept-overeenkomsten de revue gepasseerd. Uiteindelijk zijn in maart 1988 partijen zover dat een huurovereenkomst haalbaar is. Offringa neemt kontakt op met Leutscher die, als puntje bij paaltje komt, niet wil tekenen en terugkomt op de eerste concept- huurovereenkomst, welk kontrakt voor de bewoners niet acceptabel is.
Het enige positieve resultaat is dat Leutscher een pre-contractuele fase voorstelt die de bewoners en de gemeente de mogelijkheid geeft binnen 5 jaar een bod op het pand te doen van fl.280.000.
Ondertussen hebben de bewoners naar andere mogelijkheden gezocht het pand te legaliseren. In mei 1987 wordt kontakt gezocht met de projektgroep HAT. Het onderzoek valt voor Spuistraat 199 negatief uit.
Daarna wordt Spuistraat 199 aangewezen als een van de 11 ex- perimenteerpanden van het ASW-projekt "Verbouw van niet-woon- gebouwen in Amsterdam". Onderzoek gestart in 1987 en voltooid in november 1989. De gemeente was nauw betrokken bij dit onderzoek. Via een subsidie van 1,5 ton en met de toezegging dat zij zich "optimaal zou inspannen" om tot legalisatie van deze panden te komen.
In september 1989 schrijven de bewoners van Spuistraat 199 en de betrokken Woningbouwvereniging "De Doelen" de gemeente om haast te maken met een eventueel bod op het pand omdat Leutscher uiterlijk 30 november 1989 wil horen of de gemeente gebruik wil maken van de koopoptie. De gemeente antwoordt in oktober dat zij niets doet zolang de gemeenteraad de nieuwe regeling nog niet heeft bekrachtigd. In november 1989 komt er alsnog toestemming van de Gemeentelijke Dienst Volkshuisvesting om aankooponderhandelingen te beginnen en verbouwplannen te ontwikkelen. Door ambtelijke tegenwerking ligt het projekt tot januari 1990 stil.
Op 4 januari 1990 sommeert mr. Den Bleker namens zijn cliënt Westmaas BV de sleutels van Spuistraat 199 voor 12 januari in te leveren op zijn kantoor. Zo niet dan zal hij een ontruimingsprocedure aanhangig maken.
Onder druk van de bewoners en de situatie lossen de Woningbouwvereniging, gemeente en architect de laatste bouwkundige problemen op en kan kontakt opgenomen worden met de eigenaar.
Op 17 januari 1990 meldt de advokaat van Leutscher dat het pand inmiddels verkocht zou zijn. Op 1 maart diende voor de Amsterdamse rechtbank een kortgeding in het kader van de leegstandswet tegen de bewoners van Spuistraat 199, het is wachten op de uitspraak.
Tonie Willeborg is de advocate voor Spuistraat 199