Begin er niet aan, hij is gevaarlijk! Deze en soortgelijke waarschuwingen kregen we te horen toen we in november 1987 aan ons onderzoek begonnen.
We zijn toch met steun van zo'n 10 mensen begonnen aan dit avontuur. Diep hebben we kunnen graven in Leutschers zakelijke verleden. Veel affaires hebben we gerekonstrueerd. Blijft liggen: In hoeverre is Leutscher belangrijk voor de financiële wereld van Nederland? Waarom gaf iedereen die we het vroegen zoveel informatie? Is Leutscher als zakenman in een isolement? Is zijn rol als iemand, die het voortouw bij netelige kwesties neemt uitgespeeld?
Ze zijn zeldzaam, die éénmansimperia. Leutscher is er een voorbeeld van, hij heeft alles in eigen hand. Maar zonder steun kan hij het niet bolwerken. Er is behoefte aan zakenlieden als Leutscher. "Hij is een held", zegt zijn advocaat Brands. "Als iedereen bang is durft hij door te gaan. Hij durft de hete kolen uit het vuur te halen."
De textielhandelaar van weleer is nu een trouble-shooter, geloof jij hé?
"Die man windt zich om het minste of geringste op, die sterft nog eens aan een hartaanval."
"Hij is grillig, voert weinig zakelijke gesprekken, wordt plotseling kwaad, staat op, pakt zijn jas, dreigt weg te lopen maar gaat uiteindelijk weer zitten alsof er niets aan de hand is."
"Als je dit zo leest krijg je de indruk dat hij langzamerhand gek begint te worden... eigenlijk moet je zo'n man verbieden te procederen."
Allemaal uitspraken van mensen, die hem nog regelmatig spreken. Hij kan ook heel joviaal zijn. Voordat je er erg in hebt slaat hij (figuurlijk) een arm om je heen, in de trant van: zou het niet aardig zijn als we in plaats van tegenover elkaar te zitten eens zouden samenwerken?
Het SIKH (Stichting ideële kamerbemiddeling en huisvesting) , die al drie jaar namens een aantal panden met Leutscher onderhandelt kreeg zo'n voorstel. Dat kamerbureau, zo stelde hij, doet prima werk maar het kan veel beter. Laten we een hotel bouwen. 's-Winters kan het SIKH het verhuren aan keurige jonge woningzoekenden en 's-zomers is het voor de toeristen. Leutscher had ook wel oor naar de woon-werkplannen voor de gekraakte fabriek in Rotterdam maar dan moest één en ander wel wat commerciëler aangepakt worden.
Hij staat open voor alles, hij is een ruimdenkend mens zonder vooroordelen. Soms lijkt hij schizofreen maar dat is niet zo. Achter al die voorstellen schuilt iets totaal anders. Hij doet nog steeds aan produktverbetering. Hij is nog steeds de textielveredelaar maar nu is het geen ruwdoek maar zijn het gebouwen en bedrijven, die hij wil verkopen met plannen ervoor (met niet veel succes trouwens).
Het is voor hem met zijn manier van zakendoen onmogelijk om voor lange tijd met veel geld aan een projekt vast te zitten. Ook hij past net als John Deuss (zie het hoofdstuk over Joc- Oil) meestal het floating-finance-system toe. Geld moet rollen, verkoop financiert aankoop, alles is handel.
Leutscher pakt zaken aan, die zijn kollega's te link vinden. Hij vervult een voorhoedefunktie. Zo ziet hij het oprekken van de wet met vele procedures als een plicht. Hij is één van de eersten, die aktief werden als raider (een aandelenhandelaar, die om speculatieve redenen buiten de direktie van een bedrijf om een groot deel van de aandelen opkoopt en zich zo zeggenschap over het bedrijf forceert).
Hij springt snel in op nieuwe ontwikkelingen. Komen B & W van Amsterdam met plannen voor de kandidatuur voor de Olympische spelen in 1992, Leutscher komt met plannen voor hotels in de binnenstad. Gaat de regering privatiseren, Leutscher lanceert plannen voor geprivatiseerde commerciële ziekenhuizen. Wordt er gelobbied voor meer dure koopwoningen in Amsterdam, Leutscher wil nu al zijn panden ombouwen tot appartementen. Maar het blijft altijd bij plannen.
Om zo op te treden moet je goed op de hoogte zijn. Leutscher bezit dan ook een legertje tipgevers, makelaars, advocaten, commissionairs en adviseurs. En als dat nog niet voldoende is loopt hij één of ander kantoor binnen en wappert met wat flappen, waarop ze voor hem aan de slag gaan. Hij huurt ze in en schuift ze naar believen aan de kant.
Om snel op de ontwikkelingen in te kunnen spelen, moet er ook snel geld beschikbaar zijn. Vaak zorgt Leutscher daar zelf voor, meestal via één van zijn bv's, maar buiten banken, die bereid zijn grote risico's te lopen kan hij niet. Een dergelijke bank steunt hem ook niet alleen door dik en dun maar er worden ook tips gegeven. Lange tijd vervulde Slavenburgs Bank deze rol maar na het debâcle rond de overname door de Crédit Lyonnais is Leutscher op andere banken aangewezen. De banken wisselen elkaar af: nu eens de AMFAS, dan weer de ABN, dan weer de AMRO en dan weer de Bank van Lanschot.
De risico-banken en het informatienetwerk steunen Leutscher nog steeds. Een zwendelaar heeft een milieu nodig waar hij op terug kan vallen en dat ook deels van hem afhankelijk is. Neem nou de AMRO bank, die Leutscher een paar weken na zijn faillissement nog een hypotheek van 4, 5 miljoen gaf!
Leutscher fungeert niet alleen als een wegbereider voor zakelijk Nederland, we hebben in de voorgaande hoofdstukken gezien dat er meer aan de hand is. Een greep uit onze aanklacht: Het systematisch plegen van valsheid in geschrifte door middel van geantedateerde kontrakten en schijnovereenkomsten, verduistering, het konsekwent ontduiken van belastingen, smokkel, het negeren van gerechtelijke uitspraken, bedrog, het werken binnen faillissementen, contractbreuk en ga zo maar door. Zijn hele zakelijke carrière wordt gekenmerkt door deze vormen van witteboorden-criminaliteit.